Artikel 18: Procedure bij raadplegingen

18.1 De voorzitter formuleert uiteindelijk de tekst van elk agendapunt dat in stemming wordt gebracht. Er kan op drie manieren een geldige stem uitgebracht worden:

a. “voor”

b. “tegen”

c. “neutraal”.

18.2 Men kan zich onthouden van stemming.

18.3 Een niet uitgebrachte stem wordt gerekend als onthouding maar telt wel mee voor het totaal van de deelnemers.

18.4 Een stemming is slechts geldig indien tenminste 30% van de leden aan de raadpleging hebben deelgenomen en een geldige stem uitgebracht hebben.

18.5 Een lid kan slechts voor één enkel ander lid een volmachtstem uitbrengen.

18.6 Alleen de voorzitter kan een groter aantal volmachtstemmen uitbrengen. Het aantal volmachten dat de stem van de voorzitter vertegenwoordigd wordt voor de raadpleging bekend gemaakt. De voorzitter kan bij elk agendapunt, naar eigen keuze en bij elke stemming, of zijn enkele stem als lid of zijn volle volmacht stemgewicht als voorzitter, tot een maximum van de helft van het aantal deelnemende leden min één, in een stemming inbrengen.

18.7 Uitnodigingen, raadplegingen en stemmingen geschieden tot nader order per internet en e-mail.

18.8 De uitslag van de stemming vindt direct plaats na het uitbrengen van de stem, waarbij de voorzitter altijd als eerste zijn stem uitbrengt.

18.9 De goede werking van het programma waarmee de stemming wordt uitgebracht wordt veronderstelt. Indien 10% van de aan de stemming deelnemende leden menen dat dit niet zo is zal direct een controlerende herstemming plaatsvinden.

Geef een reactie